GGD Hart voor Brabant
Geplaatst op: 24-04-2020 om 14:10 uur
Laatst gewijzigd op: 07-01-2021 om 17:49 uur

Informatie coronavirus scholen en kinderopvang

Sinds de uitbraak van het coronavirus leven er onder onderwijsinstellingen en kinderdagverblijven veel vragen. Om de kinderen en jongeren (én hun gezinsleden) en jou en je collega’s zo goed mogelijk te beschermen, is het belangrijk de juiste richtlijnen te volgen en hygiënemaatregelen te nemen. Dat verkleint het risico op verspreiding van het coronavirus. Op deze pagina vind je meer informatie.

Informatie voor ouders en verzorgers

Onder ouders en verzorgers leven er veel vragen over het coronavirus. Op deze pagina geven we je antwoord op de meest gestelde vragen.

Testen met voorrang

Zorg- en onderwijspersoneel kan zich vanaf maandag 21 september met voorrang laten testen. Of je in aanmerking komt en meer informatie over het aanvragen van een test met prioriteit lees je op de website van de Rijksoverheid. Er vindt er op twee momenten controle plaats: telefonisch én in de teststraat. Werkgevers zijn gevraagd om erop toe te zien dat er niet onnodig gebruik wordt gemaakt van deze regeling, om te voorkomen dat ook de voorrangsstraten te snel vollopen. De voorrangsregeling is van tijdelijke aard. Zodra de laboratoriumcapaciteit weer voldoet aan de testvraag is het niet meer nodig om groepen met prioriteit te testen.

Testen zonder klachten voor bepaalde groepen nu ook mogelijk

Mensen van wie uit bron- en contactonderzoek van de GGD of de CoronaMelder app is gebleken dat zij nauw in contact zijn geweest met een besmet persoon, kunnen zich vanaf 1 december op corona laten testen. Ook als ze geen klachten hebben. Dit kan op de 5e dag na het laatste risicovolle contact met die persoon. Op deze dag is het virus ook bij mensen zonder klachten goed aan te tonen. Iemand kan hiervoor een afspraak maken via 0800-2035.

Is de uitslag negatief? Dan hoeft de quarantaineperiode van 10 dagen niet afgemaakt te worden. Belangrijke voorwaarde is wel dat mensen ook daarna alert blijven op klachten en zich opnieuw laten testen als zij toch klachten krijgen. Het advies voor deze personen is daarnaast om het contact met kwetsbare personen tot en met 10 dagen na het risicocontact te vermijden. Leerlingen op school zijn over het algemeen geen risicocontacten, echter er zijn scholen of vormen van onderwijs waarbij er wel contact is met kwetsbare personen/leerlingen. Overleg in dat geval met de werkgever of en wanneer je weer mag werken. Mocht een test niet mogelijk of gewenst zijn, dan wordt de quarantaineduur van 10 dagen afgemaakt.
nieuwe regels voor het voortgezet (speciaal) onderwijs
De regel van 1,5 meter afstand op middelbare scholen gaat zo snel als mogelijk in. Het is begrijpelijk dat scholen moeten bekijken hoe ze dit in de praktijk organiseren, en dat ze hier enkele dagen voor nodig hebben. Wanneer de scholen weer open gaan, zal dit opnieuw worden bekeken. Alle landelijke regels vind je hier
mondkapjes in het onderwijs

Vanaf 1 december 2020 is het voor leerlingen en onderwijspersoneel verplicht om op alle scholen in het voortgezet (speciaal) onderwijs een mondkapje te dragen buiten de les. Voor het basisonderwijs en speciaal (basis)onderwijs geldt dat mondkapjes niet nodig zijn. 

Kijk op Rijksoverheid.nl voor meer informatie.

wanneer moeten kinderen thuisblijven?

Kinderen t/m groep 8: thuisblijf- en testadvies 

Alle kinderen van 0 jaar t/m groep 8 met enkel verkoudheidsklachten mogen naar de opvang en school.* Ook als zij af en toe hoesten of als zij klachten hebben die passen bij bekende astma of hooikoorts zonder koorts of benauwdheid mogen deze kinderen naar school. Kinderen van 0 jaar t/m groep 8 met verkoudsheidsklachten, blijven wél thuis als klachten toenemen met hoesten, koorts en/of benauwdheid. 

In januari 2021 is het testbeleid voor kinderen t/m groep 8 gelijk getrokken met dat van oudere kinderen. Ook ouders van kinderen t/m 12 jaar worden verzocht hun kinderen met klachten passend het coronavirus te laten testen. Het advies is om je kind in ieder geval te laten testen als er naast verkoudheidsklachten ook sprake is van (frequent) hoesten, koorts en/of benauwdheid. Ook is het advies om kinderen te laten testen die klachten krijgen nadat ze in contact zijn geweest met iemand met corona.  Kinderen die getest worden, blijven thuis totdat de uitslag bekend is. 

Andere reden dat kinderen van 0 jaar t/m groep 8 moeten thuisblijven, zijn:  

  • zij hebben een huisgenoot met verkoudheidsklachten in combinatie met koorts en/of benauwdheid. Als deze huisgenoot een negatieve test heeft, mag het kind weer naar school. 
  • als zij in quarantaine zijn omdat ze een huisgenoot hebben die positief getest is op het coronavirus of omdat ze in het buitenland zijn geweest

De beslisboom test- en thuisblijfadvies voor kinderen 0 jaar t/m groep 8 wordt aangepast n.a.v. het in januari 2021 gewijzigde beleid. 

* Zij blijven verder zoveel mogelijk thuis. Dit betekent niet naar clubjes, niet sporten en niet op bezoek bij anderen. Ook als zij een nauw contact zijn van iemand die positief is getest op het coronavirus mogen zij niet naar school of opvang. 

Beslisboom 12 jaar en ouder

Voor kinderen en jongeren op het voortgezet onderwijs (ook als ze jonger zijn dan 13 jaar), mbo of hoger onderwijs gelden de basisregels voor thuisblijven en de basisregels voor testen die voor volwassenen gelden. De beslisboom 12+ thuisblijven of naar school/werk is hier terug te vinden. Ouders kunnen dit schema gebruiken om te bepalen of een kind met corona-gerelateerde klachten wel of niet naar school kan komen. Volwassenen kunnen beoordelen of je wel of niet naar het werk mag.

Artikel 26 melding 

Als er meer dan 3 kinderen uit een groep of meerdere medewerkers binnen de school ziek zijn én er een (mogelijke) verdenking is op het coronavirus vragen wij jullie om dit, in het kader van artikel 26 van de Wet publieke gezondheid, bij ons te melden. Kinderen in de leeftijd 0 tot 4 jaar en kinderen op de basisischool met enkel neusverkoudheid tellen hierin niet mee.

In overleg met de GGD informeert de school zo nodig de ouders. Wij kunnen de school hierin ondersteunen. Na uw melding ontvang je van ons bericht hoe verder te handelen. 

Meld bij voorkeur digitaal

Voor artikel 26 meldingen bij een ongewoon aantal kinderen in een groep met hoesten, verkouden en/of niezen maak gebruik van ons online meldingsformulier: Let op: sinds 19-9 is er een wijziging in de groep die gemeld moet worden, zie hierboven.

Artikel 26 melding (COVID-19)

Uiteraard blijft de afdeling infectieziektebestrijding ook beschikbaar voor vragen. Voor vragen over corona op school of kinderdagverblijf kun je contact opnemen met   088 368 6720. Voor meldingen over andere infectieziekten op school of een artikel 26 meldingen die niet-corona gerelateerd is blijft het telefoonnummer  088 368 6421.

Stappenplan positief getest persoon op school of opvang

Stap 1 melding aan school

Actie: bij (ouder van) positief getest persoon
Positief getest(e) kind/leerling/medewerker wordt gemeld bij de leiding van school of opvang

Stap 2 informeren

Actie: bij school / opvang
School / opvangleiding informeert medewerkers en (ouders van) kinderen en/of leerlingen die mogelijk contact hebben gehad met de positief geteste persoon in de besmettelijke periode* door middel van een bericht / brief.

Informatiebrieven die van toepassing kunnen zijn voor de opvang en/of school zijn terug te vinden op de pagina van het RIVM

Je vindt hier onder andere:

Van sommige brieven is een vertaling of eenvoudige versie beschikbaar op de website van het RIVM.
* Besmettelijke periode start 48u voorafgaand aan start symptomen en duurt tot minimaal 7 dagen na start symptomen

Stap 3 contacten

Actie: bij (ouders van) positief getest persoon in samenwerking met de GGD

GGD krijgt de melding van het laboratorium en belt de positief geteste persoon (en/of ouders in het geval van kinderen). De GGD helpt vast te stellen wie contacten zijn en wie van de contacten een nauw contact is. Dit is mede afhankelijk van de situatie en leeftijd van de contacten Nauwe contacten, krijgen het advies naar huis en in quarantaine te gaan. Leefregels voor nauwe contacten zijn terug te vinden in de brief Informatie voor nauw contact.

De GGD verwacht niet dat een school of kinderopvang zelf de contacten in kaart brengt. Toch kan het soms rust en duidelijkheid geven om met behulp van de stroomschema’s hieronder na te gaan wie als een nauw en wie als een overig contact geduid wordt in het geval dat een kind of medewerker van school of opvang positief getest is. Als hierover vragen zijn, kan de GGD hierbij helpen. De stroomschema’s zijn enkel van toepassing als de positief geteste persoon ook in zijn/haar besmettelijke periode* op school of opvang is geweest.

Let op: Adviezen vanuit de GGD zijn leidend. Bij vragen / twijfel over de juiste gang van zaken kunt u contact opnemen met de GGD.
* Besmettelijke periode start 48u voorafgaand aan start symptomen en duurt tot minimaal 7 dagen na start symptomen

Stap 4 melding aan GGD bij 3 of meer positief geteste personen binnen 1 week

Actie: bij school of opvang
Zijn er 3 of meer positief geteste leerlingen / kinderen en/of medewerkers binnen opvang / school binnen 7 dagen, dan vragen wij de school/opvang om dit aan ons te melden door gebruik te maken van het contactformulier. Is er onrust of zijn er dringende vragen, dan kan dit vermeld worden op het formulier. Ook vragen wij om een vast contactpersoon binnen de school aan te wijzen, waarmee wij contact op kunnen nemen.

Bij 1 of 2 positief geteste perso(o)n(en) (of meerdere personen, maar telkens met een interval van > 1 week of meerdere personen verdeeld over klassen/groepen die geen relatie hebben met elkaar) kunnen bovenstaande stappen worden doorlopen. Contact met de GGD is dan niet nodig.

Echter bij vragen of onrust zijn wij beschikbaar voor overleg. Gebruik hiervoor het contactformulier.

Stroomschema's nauw of overig contact besmet persoon

De GGD verwacht niet dat een school of kinderopvang zelf de contacten in kaart brengt. Toch kan het soms rust en duidelijkheid geven om met behulp van de stroomschema’s hieronder na te gaan wie als een nauw en wie als een overig contact geduid wordt in het geval dat een kind of medewerker van school of opvang positief getest is. Als hierover vragen zijn, kan de GGD hierbij helpen. De stroomschema’s zijn enkel van toepassing als de positief geteste persoon ook in zijn/haar besmettelijke periode* op school of opvang is geweest.

Let op: Adviezen vanuit de GGD zijn leidend. Bij vragen / twijfel over de juiste gang van zaken kunt u contact opnemen met de GGD.
* Besmettelijke periode start 48u voorafgaand aan start symptomen en duurt tot minimaal 7 dagen na start symptomen

Zwanger en werkzaam op een kinderdagverblijf of school?

Zwanger en werkzaam op een kinderdagverblijf of school, kan ik blijven werken?

Tot 28 weken zwangerschap kun je in principe gewoon blijven werken. Natuurlijk gelden hier ook de landelijke maatregelen en hygiëneadviezen. Indien je geen 1,5 meter afstand van collega’s, ouders/verzorgers en kinderen* kunt houden tijdens je werk, is het advies om vanaf 28 weken vervangende werkzaamheden te gaan doen waarbij dit wel kan. Zo nodig kun je hierover overleggen met de bedrijfsarts. 

*Dit geldt niet als je met kinderen tot 4 jaar werkt. Dan mag je ook na 28 weken blijven werken. Tot de collega’s, ouders/verzorgers geldt natuurlijk wel het advies om 1,5 meter afstand te houden.
Kijk hier voor meer informatie.

Wie beslist er over het al dan niet sluiten van scholen?

Er zijn twee redenen waarom een school gedeeltelijk of helemaal sluit als het om Corona gaat:

  1. Vanwege te grote gezondheidsrisico’s voor leerlingen en personeel
  2. Als er te weinig leraren op school zijn om les te geven vanwege ziekte of quarantainemaatregelen

Is er sprake van gezondheidsrisico’s dan ligt de beslissing om te sluiten bij de burgemeester, de veiligheidsregio en het schoolbestuur. De GGD adviseert.

Is er sprake is van een lerarentekort door afwezigheid wegens coronamaatregelen dan ligt de beslissing tot al dan niet gedeeltelijk sluiten bij het schoolbestuur.

Als onderwijs op school niet mogelijk is, stapt de school zo veel mogelijk over op online lesgeven.

Ventilatie op scholen

De belangrijkste maatregelen om verspreiding van het coronavirus te voorkomen zijn:

  • Bij klachten blijven leerlingen en leerkrachten thuis en laten zich testen.
  • Regelmatig goed handen wassen en hoesten en niezen in de elleboog.
  • Het houden van anderhalve meter afstand.

Goed ventileren helpt om luchtweginfecties, zoals COVID-19, te voorkomen en is belangrijk voor een gezond en prettig binnenklimaat. Er zijn tot op heden weinig aanwijzingen dat ventilatie een belangrijke rol speelt bij de verspreiding van het coronavirus. Het RIVM heeft de inzichten hierover samengevat

RIVM adviezen voorkoming verspreiding via de lucht

Ter voorkoming van verspreiding van het coronavirus via de lucht heeft het RIVM drie specifieke adviezen opgesteld:

  • Zorg ervoor dat er voldoende ventilatie is binnen één gemeenschappelijke ruimte waar meerdere personen gedurende langere tijd bij elkaar zijn; ook als er gebruik gemaakt wordt van recirculatie.
  • Vermijd het ontstaan van sterke luchtstromen, bijvoorbeeld door (zwenk)ventilatoren en mobiele airco’s, in gemeenschappelijke ruimtes zoals klaslokalen en kantines. Indien er geen andere mogelijkheid is tot verkoeling, zorg er dan voor dat er geen luchtstroom van persoon naar persoon gaat.
  • Tijdens het ‘luchten’ kunnen sterke luchtstromen ontstaan (tocht). Vermijd dat deze sterke luchtstromen van persoon naar persoon gaan. Lucht gemeenschappelijke ruimtes zoals een vergaderruimte bijvoorbeeld tijdens de pauze of na de bijeenkomst als iedereen de ruimte heeft verlaten.

Beschikbare informatie over ventilatie

Voor het primair onderwijs is informatie over ventilatie beschikbaar op de website www.weeropschool.nl. De daar beschikbaar gestelde informatie is grotendeels ook bruikbaar voor het voortgezet onderwijs.

Ventilatie, los van het coronavirus

GGD’en adviseren al langer over het belang van een goede ventilatie in scholen, los van het coronavirus. Ook op scholen die voldoen aan het bouwbesluit kan de ventilatie vaak verder worden verbeterd. De manier waarop dat zou kunnen hangt vaak af van de situatie in het schoolgebouw. Voor meer informatie hiervoor verwijzen we naar de handleiding binnenmilieuscan basisscholen. Daarin zijn adviezen en links naar meer informatie te vinden.

De ventilatie eisen in het bouwbesluit zijn minimumeisen. Meer ventileren dan volgens het bouwbesluit nodig is zorgt voor betere binnenluchtkwaliteit. De GGD kan scholen helpen om de ventilatie te optimaliseren wanneer verbeteringen worden overwogen. Dat zal vaak aan de hand van de ‘Frisse Scholen’ aanpak gebeuren. Ook in de LCHV richtlijn binnen- en buitenmilieu voor basisscholen zijn tips te vinden. Verdere adviezen rond ventilatie zijn te vinden in het kwaliteitskader huisvesting onderwijs.

Wat kan een school zelf doen?

Scholen met een mechanisch ventilatiesysteem

Scholen die willen laten onderzoeken of hun gebouw voldoet aan de eisen in het bouwbesluit kunnen daarvoor contact zoeken met een installatie adviesbureau. Zo’n bureau kan uitsluitsel geven over het juist functioneren ven het ventilatiesysteem. In de loop der jaren raken dit soort systemen verouderd, en kan het opnieuw instellen of schoonmaken ervoor zorgen dat de ventilatie aanzienlijk verbetert.

Scholen met alleen natuurlijke ventilatie

Scholen met alleen natuurlijke ventilatie (alleen ramen die opengezet kunnen worden) zouden kunnen overwegen om CO2 meters aan te schaffen om daarmee per lokaal een indicatie te krijgen of er ramen opengezet moeten worden teneinde de ventilatie te verbeteren. Er bestaan ook zogenaamde stoplichtmeters, die specifiek voor dit doel zijn gemaakt.

Wat kan de GGD doen?

Naast het geven van ventilatie-adviezen kan de GGD adviseren over andere basismaatregelen die in een schoolgebouw genomen kunnen worden om de verspreiding van het coronavirus op school zoveel mogelijk te voorkomen, conform het landelijke richtlijnen. De GGD controleert schoolgebouwen niet en kan niet onderzoeken of ventilatie in een school voldoet aan het bouwbesluit. Daarvoor zijn de eigenaars van de schoolgebouwen zelf verantwoordelijk. Installatie adviesbureaus of bouwkundigen kunnen door hen ingehuurd worden om onderzoek te doen naar de capaciteit van het ventilatiesysteem. Als de ventilatiecapaciteit in een schoolgebouw niet voldoet aan de in het bouwbesluit gestelde eisen kan de GGD weliswaar meedenken over de mogelijke opties, maar ook dan zal de GGD zelf geen onderzoek aan het gebouw doen. De gebouweigenaar zal samen met een door hem ingehuurde installatie-adviseur het beste de technische opties op een rijtje kunnen zetten. 

Contact

Heb je vragen over de teststraat of over wat het coronavirus voor jou betekent als professional?

Stel je vraag digitaal

Wij zijn telefonisch helaas minder goed bereikbaar dan je van ons gewend bent. Je kan ons bereiken op werkdagen van 09:00 tot 17:00 uur via 0900 364 64 64.