Personen met klachten passend bij mpox met een seksueel risico of een beroepsmatig risico kunnen rechtstreeks bij de GGD terecht. Personen buiten deze doelgroepen worden met klachten naar de huisarts verwezen, omdat het risico op mpox voor deze personen zeer klein is. Uiteraard is het mogelijk om met ons te overleggen. Ook is het voor u als huisarts mogelijk om zelf diagnostiek in te zetten.
Testindicaties GGD:
De GGD test mensen met passende klachten (huidlaesies passend bij mpox of klachten passend bij een proctitis) die:
contact hebben gehad met (materiaal van) iemand met mpox
man zijn en seks hebben met mannen
een mannelijke partner hebben die seks heeft met mannen
al dan niet anonieme of betaalde -seksuele contacten hadden (bijvoorbeeld op seksfeesten) in de 3 weken voor het ontstaan van klachten
arts of zorgverlener zijn
Is er een seksueel risico en zijn er klachten? Neem dan contact op met de afdeling seksuele gezondheid via onze intercollegiale overleglijn: 088 368 77 79 op werkdagen tussen 08.30 en 16.30 uur. Als een patiënt reeds bekend is met ons centrum seksuele gezondheid kan deze persoon ook zelf contact opnemen via de reguliere contactkanalen.
Wilt u overleggen over een zorgverlener of iemand buiten bovengenoemde doelgroepen valt? Neem dan contact op met de afdeling algemene infectieziektebestrijding via 088 368 6421 op werkdagen van 08.30 – 16.30 uur. Buiten kantoortijden kunt u voor alle doelgroepen overleggen met de dienstdoende arts infectieziektebestrijding op telefoonnummer 0900 3 67 67 67.
Diagnostiek door huisarts
Het is mogelijk om als huisarts zelf diagnostiek naar mpox in te zetten bij een patiënt met klachten. U kunt dan ook andere verwekkers mee testen, zoals varicella zoster, herpes simplex, molluscum contagiosum, of bijvoorbeeld een kweek afnemen bij een beeld van een bacteriële (super)infectie. Actuele informatie over afname is terug te vinden op de website van de NHG en in de LCI-richtlijn. Het laboratorium van het ETZ voert zelf diagnostiek uit naar mpox. Andere laboratoria kunnen materiaal doorsturen voor diagnostiek. Overleg met uw eigen laboratorium over de mogelijkheden.
LET OP: Sinds 3 december 2022 is mpox niet langer een groep A-meldingsplichtige infectieziekte, maar een groep B1-meldingsplichtige infectieziekte. Dit betekent dat het vaststellen van mpox door behandelend artsen of laboratoria niet meer direct bij de GGD gemeld dient te worden, maar zo snel mogelijk binnen reguliere werktijden; in de praktijk de eerstvolgende werkdag. Meld een bevestigd geval bij de GGD, en meld daarnaast een patiënt die voldoet aan de casusdefinitie ‘waarschijnlijk geval’ (zie casusdefinities in LCI-richtlijn mpox). Bel hiervoor met onze afdeling infectieziektebestrijding via: 088 368 6421.
Behandeling
Een Nederlandse expertgroep heeft een behandelrichtlijn opgesteld. Deze behandelrichtlijn mpox is beschikbaar via de website van de Nederlandse Internisten Vereniging.
Infectiepreventieadviezen voor testlocaties
Het LCI heeft een richtlijn opgesteld voor infectiepreventiemaatregelen voor testlocaties waar mensen met een verdenking van mpox komen. Huisartsenpraktijken en huisartsenposten raadplegen deze richtlijn via de NHG-richtlijn infectiepreventie in de huisartsenpraktijk.
Vaccineren risicogroep
Sinds 22 juli 2022 is Imvanex® binnen de EU geregistreerd als vaccin voor de preventie van mpox en kan zowel als pre- en postexpositieprofylaxe worden ingezet. Hoogrisico-contacten van patiënten met bewezen mpox krijgen postexpositie-vaccinatie aangeboden.Van 14 april tot en met einde zomer 2025 kunnen MSM en transgender personen die een verhoogd risico hebben op mpox op eigen initiatief een afspraak maken om een vaccinatie te halen bij de GGD. Meer informatie over de mpox vaccinatie.
Updates voor huisartsen
Wij informeren huisartsen regelmatig via updates per mail over de actuele stand van zaken. Update gemist? Meldt u zich aan voor de informatiebrief huisartsen.
Laten zien wat wij doen, waar wij voor staan en terugkijken om te leren. In dit jaarverslag van 2025 maken we opnieuw de balans op van de inzet van het team Seksuele Gezondheid. Wie zagen we op ons spreekuur? Wat deden we om contact te leggen met moeilijk bereikbare doelgroepen? En welke cijfers en ontwikkelingen constateerden we?
Hoe maken we de beweging van zorg naar gezondheid in Noordoost-Brabant inzichtelijk? Om die vraag te beantwoorden heeft GGD Hart voor Brabant, samen met regionale partners, de eerste IZA-monitor ontwikkeld.
Ongeveer 1 op de 10 jonge kinderen in het werkgebied van GGD Hart voor Brabant heeft overgewicht. Dat blijkt uit cijfers van de jeugdgezondheidszorg in 2025. Vooral de toename van overgewicht bij peuters is opvallend. Bij hen neemt het overgewicht sinds 2022 ieder jaar een beetje toe. Bij de wat oudere kinderen (9- en 13-jarigen) had in 2025 ongeveer 1 op de 6 overgewicht. Dat is ongeveer hetzelfde als in 2023 en 2024.